Strengere regelgeving voor verhuurders

De sterke toename van tijdelijk te huur aangeboden privé-accommodaties is met name in de grote steden een doorn in het oog van Franse hoteleigenaars en gemeenten die de prijzen van onroerend goed de pan uit zien rijzen. Daarom zijn online-verhuurplatforms en verhuurders recentelijk geconfronteerd met steeds meer regelgeving.

De Franse wet- en regelgeving maakt wat betreft seizoensverhuur onderscheid tussen het verhuren van het hoofdverblijf of een tweede woning. Wanneer je als eigenaar langer dan acht maanden per jaar in de woning verblijft, wordt deze gekwalificeerd als hoofdverblijf. Je mag je woning dan maximaal 120 dagen per jaar via het platform verhuren. Aan de verhuur van een tweede woning zit geen maximum, dit wordt dan een zogeheten meublé de tourisme.

In geval van verhuur van het hoofdverblijf is er geen registratie bij de gemeente nodig. Als de woning een tweede woning is, moet daar altijd melding van worden gemaakt bij de gemeente. Sinds 2016 heeft de wetgever voor steden met meer dan 200.000 inwoners de mogelijkheid geopend om ook voor verhuur van het hoofdverblijf registratie bij de gemeente verplicht te stellen. Op dit moment zijn deze regels al van toepassing in Parijs, Nice en Bordeaux. Ook zegt de wet dat aanbieders in genoemde grote steden eerst goedkeuring moeten krijgen van de gemeente als zij hun tweede woning voor seizoenshuur willen aanbieden. Dit geldt ook voor Straatsburg, Marseille en Lyon.

Opmerkelijk is dat het online platform Airbnb sinds 1 januari 2018 zijn aanbieders in Parijs zelf de limiet van maximaal 120 dagen heeft gesteld aan verhuur in de centraal gelegen eerste vier arrondissementen. Wanneer iemand meer dagen per jaar wil verhuren, moet hij daarvoor toestemming vragen van de gemeente. Vergelijkbare beperkingen heeft Airbnb ook aan haar aanbieders opgelegd in het centrum van Amsterdam en Londen. Naar eigen zeggen is deze maatregel ingevoerd om een middenweg te vinden tussen enerzijds de mogelijkheid om het woningdelen beschikbaar te houden en anderzijds de druk op de Parijse woningmarkt te verlichten.

Deze vorm van autoregulatie was echter minder proactief dan het lijkt, omdat de limiet van 120 dagen van kracht was. Ook was de registratieplicht voor seizoensverhuur door de gemeente Parijs al sinds 1 december 2017 verplicht gesteld. Een woordvoerder van de afdeling logement van de gemeente Parijs zei hierover: ‘Dit wil zeggen dat Airbnb in de overige zestien arrondissementen de wet niet respecteert.’

Begin 2018 heeft de rechter zich in een zaak tegen Airbnb uitgesproken. Het Amerikaanse bedrijf is veroordeeld tot het betalen van boetes en schadevergoeding van ruim €6.000 aan een huiseigenaar. Wat was het geval? De huurder van diens woning verhuurde deze via Airbnb onder, maar zonder toestemming van de eigenaar. Volgens de rechter kloppen twee dingen niet: Airbnb is tekortgeschoten in zijn wettelijke verplichting om te checken of de onderverhuurder toestemming had van de eigenaar. Ten tweede is het maximum van 120 dagen niet gerespecteerd door Airbnb. Deze uitspraak geeft aan dat ook de rechter vindt dat er sprake is van oneerlijke concurrentie ten opzichte van hoteleigenaars wanneer iemand zijn woning voor meer dan 120 dagen per jaar via Airbnb verhuurt. Waarschijnlijk zal Airbnb ook in de toekomst te maken krijgen met strengere regulering en actievere controle op naleving van de regelgeving. Ook buiten Parijs.

Reageren? werkhoven@steinz-dijkstra.nl

 

 

 

Vyrex Solutions | 2018